De geschiedenis leren begrijpen - hoe doe je dat?
Doe je dat door heel veel boeken over vroeger te lezen?
Doe je dat door naar de verhalen van ouderen te luisteren?
Door ze maar te blijven vertellen?
Of zijn er nog betere manieren?

Ik denk dat het allemaal helpt.
Maar volgens is mij is een ding heel belangrijk: wíllen leren en wíllen begrijpen.
Nieuwsgierigheid.
Vragen stellen aan mensen, die het hebben meegemaakt.
Of aan mensen, die er veel vanaf weten.
Niet aan de mensen met de grootste mening.
Maar aan mensen met kennis en inzicht.

Luisteren naar deze mensen.
Hun verhalen horen en lezen.
Mensen die soms wat verder van ons af staan.
Maar soms ook heel dichtbij.
Zeker op een klein eiland als Bonaire.

Als we de geschiedenisboeken erop naslaan, verloor Bonaire tijdens de oorlog 33 van haar zonen op zee.
33 zonen, broers, neven, vaders, opa’s, vrienden.
Allemaal afkomstig uit families met namen die we kennen: Bernabela, Cicilia, Serberie, Thielman, Winklaar - en vele anderen.
De verhalen die deze families ons te vertellen hebben, leren ons iets.
Over leven in oorlog en onveiligheid.
Over verlies en verdriet.
Maar ook over de noodzaak van vrede en vrijheid.

Het is belangrijk om deze verhalen luid en duidelijk te horen.
Om ze op te schrijven en door te vertellen.
Want ze houden ons een spiegel voor, ook als de tijden veranderen.
Soms sneller dan we kunnen bijhouden.
Of sneller dan we fijn vinden.

Verhalen uit ons gezamenlijke verleden liggen - ook in onze gemeenschap - voor het oprapen.
Verhalen over de geschiedenis van ons prachtige eiland.
Verhalen over het slavernijverleden - met alle emoties die daarbij horen.
En ook verhalen uit de Tweede Wereldoorlog.

Al deze verhalen horen bij elkaar.
Ze zijn misschien heel verschillend.
Ze worden verteld vanuit hele verschillende perspectieven.
En achter deze verhalen schuilt soms oude pijn.
Omdat ze levens en generaties hebben getekend.

Maar juist daarom moeten ze verteld worden.
Juist daarom moeten we ze horen.
Omdat we willen dat die verhalen iets veranderen.
Iets in onszelf.
Iets in onze gemeenschap.

Want we wíllen geen nieuw hoofdstuk van slavernij en ongelijkheid.
En we wíllen geen nieuwe oorlog.
Als ergens op de wereld mensen worden onderdrukt, dan kan dat ook bij ons opnieuw gebeuren.
Als ergens op de wereld oorlog is, dan kan dat ook bij ons dichtbij komen.

Vijf maanden geleden hebben we dat zelf gevoeld.
Venezuela ligt nog geen 100 kilometer hier vandaan.
We zagen het geopolitiek geweld zorgelijk dichtbij.
Ook in onze gemeenschap wonen Venezolanen, die met angst en beven keken naar het geweld in hun vaderland.

En juist omdat het hier zo dichtbij kwam, mogen we ons hardop afvragen wat we nu precies leren van de geschiedenis.
We hebben geschiedenisboeken vol verhalen, vol analyses en duiding.
We wíllen het verleden begrijpen.
En toch is er nog altijd zoveel onrecht en oorlog in de wereld.
Er zijn nog steeds autocraten en dictators, die denken dat macht en geweld de beste route naar vrede en veiligheid is.
Terwijl de inktzwarte bladzijden uit het verleden ons juist het tegendeel leren.

Ik vind het belangrijk om dit vandaag hier te benadrukken.
We leven vandaag in een nieuwe, onveilige wereldorde.
Dat betekent iets voor onze verantwoordelijkheid.
Als mens en als gemeenschap.

Want het komt in onrustige en onzekere tijden namelijk eerst op onszelf aan.
Om onze eigen waarden te koesteren en versterken.
Om de verhalen van vroeger door te geven en er zélf van te leren.
En door de verantwoordelijkheid te nemen die nodig is, als we gedrag zien dat we niet willen.
Om één te zijn als gemeenschap en samen sterk te staan.

Wie je ook bent, wat je verhaal of huidskleur ook is en van wie je ook houdt.
Of je wieg nu in Rincon of in Tera Kora heeft gestaan.
Of zelfs in Rotterdam of in Caracas.

Die verhalen van vroeger helpen ons daarbij.
Laten we ze blijven vertellen.
En laten we ernaar blijven luisteren.
Laten we ruimte geven aan de wijsheid en de ervaringen van toen.
Zodat we er écht iets van leren.
Zoals Cola Debrot het prachtig heeft verwoord in zijn gedicht ‘Misschien’:

Misschien komt de dag weer,
een dag van louter blijheid.
Of was het zo’n lichte maannacht
vol weemoed onder de siaboom?

Misschien komt de dag weer
dat cactus en siaboom
elkaar omhelzen
als toegenegen verwanten.

Misschien komt de dag,
– alle maïs heeft zijn zaad –
dat zelfs arbeider en kapitalist
elkaar zullen mogen.

Misschien… die dag is nog ver
verder dan de knoekoe van Ma Linda.
Maar verlies het geloof en de hoop niet,
ondanks al ons lijden onderweg.

Laat de verhalen van vroeger ons zo inspireren.
Zodat we samen kunnen werken aan een gemeenschap die - ook in tijden van grote veranderingen, van onrust en onzekerheid - blijft bouwen aan een betere toekomst.
Omdat we erin geloven.
En omdat onze gemeenschap - ons eiland - dat verdient.